Algemene voorwaarden.

Versie - Januari 2017

Download als PDF

Begrippen

Voertuig: het voertuig en alle andere middelen die deel uitmaken van de huurovereenkomst. Huurder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die als huurder de huurovereenkomst sluit. Verhuurder: EC-Rent. Consument: de huurder die een natuurlijk persoon is en de huurovereenkomst niet heeft gesloten in de uitoefening van beroep of bedrijf. Schade van de verhuurder: de vermogensschade die verhuurder lijdt ten gevolge van beschadiging (inclusief een toestand van het voertuig of onderdelen die niet past bij normale slijtage), vermissing van het voertuig of onderdelen en/of met of door het voertuig aan persoon of goed toegebracht nadeel, waarvoor de huurder, de kentekenhouder of de aansprakelijkheidsverzekeraar van het voertuig jegens derden aansprakelijk is. Tot deze schade behoren onder meer de kosten van vervanging van (onderdelen van) het voertuig en de derving van inkomsten. Huursom: de overeengekomen huurprijs inclusief alle bijkomende kosten voor bijvoorbeeld extra’s en accessoires.

Artikel 1 - Toepasselijkheid

Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op alle huurovereenkomsten, inclusief eventuele accessoires die tussen verhuurder en huurder worden gesloten.

Artikel 2 - Het aanbod

  1. Verhuurder brengt schriftelijk of mondeling een aanbod uit naar keuze van de huurder.
  2. Het aanbod is gedurende 14 dagen geldig op basis van beschikbaarheid van voertuigen.
  3. Het aanbod bevat een volledige en nauwkeurige omschrijving van de huurtermijn, huursom en mogelijke bijkomende kostenelementen. Daarnaast wordt de hoogte van het eigen risico, eventuele afkoopmogelijkheden daarvan en de borgsom of andere wijze van zekerheidsstelling vermeld.
  4. Het aanbod vermeldt de openingstijden van de verhuurder en het telefoonnummer waarop de verhuurder te bereiken is.
  5. Het aanbod vermeldt de wijze van betaling en de wijze van zekerheidsstelling.
  6. Het aanbod verwijst naar deze algemene voorwaarden, welke ook bij het sluiten van de overeenkomst getoond moeten kunnen worden.

Artikel 3 - De overeenkomst

  1. De overeenkomst komt tot stand door aanvaarding van het aanbod en de betaling als in artikel 7 genoemd. Een mondelinge overeenkomst dient schriftelijk te worden bevestigd door de verhuurder om geldig te zijn.
  2. De huurovereenkomst wordt aangegaan voor de periode en het tarief zoals op de huurovereenkomst is vermeld. Op de huurovereenkomst wordt het tijdstip van begin en einde van de huurperiode vermeldt.
  3. Indien van toepassing vermeldt de huurovereenkomst het op grond van artikel 9 lid 8 overeengekomen maximumbedrag met ter zake verwijzing naar de in artikel 12 lid 2 van deze algemene voorwaarden opgenomen aansprakelijkheidsbeperking.

Artikel 4 - Prijs en prijswijzigingen

  1. De huursom en de eventuele bijkomende kosten worden vooraf overeengekomen. 
  2. Als na het sluiten van de overeenkomst een prijswijziging optreedt, zal deze geen invloed hebben op de overeengekomen prijs. 
  3. Het tweede lid is niet van toepassing op prijswijzigingen die uit de wet voortvloeien zoals die ter zake van BTW.
  4. Gedurende de huurperiode zijn de aan het gebruik van het voertuig verbonden kosten, zoals tolgelden, Eurovignet, de kosten voor het opladen bij oplaadpunten die buiten het Supercharger netwerk van Tesla, of buiten het netwerk van de bij het voertuig geleverde laadpas vallen, brandstofkosten, reinigingskosten en parkeerkosten voor rekening van de huurder. Hieronder vallen ook de kosten die Tesla Motors in rekening brengt voor het bezet houden van een Supercharger parkeerplaats, welke 5 minuten na het voltooien van de laadsessie in werking treden.
  5. Onverminderd diens gehoudenheid tot schadevergoeding indien daartoe gronden bestaan, kunnen huurder geen kosten in rekening gebracht worden die niet overeengekomen zijn.

Artikel 5 – Huurperiode en overschrijding van de huurperiode

  1. Huurder is verplicht het voertuig uiterlijk op de dag en op het tijdstip waarop de huurperiode eindigt, aan het in de huurovereenkomst vermelde bedrijf en adres of aan het nader overeengekomen adres terug te bezorgen. Verhuurder is verplicht het voertuig, tijdens openingstijden, in ontvangst te nemen. Bij een inname hoeft verhuurder niet aanwezig te zijn indien het voertuig is uitgerust met een mobiele applicatie om de huurperiode mee af te sluiten, of indien de huurder zonder overleg het voertuig eerder terugbrengt. Indien verhuurder niet aanwezig is bij de inname van een voertuig, kunnen schades op een later tijdstip worden vastgelegd door verhuurder (artikel 11 lid 3).
  2. Het voertuig mag slechts met toestemming van de verhuurder buiten openingstijden worden teruggebracht en/of op een andere plaats of tijdstip ter beschikking worden gesteld.
  3. Afspraken over het eerder terugbrengen en/of beschikbaar stellen van het voertuig dan het einde van de huurperiode zijn mogelijk.
  4. Indien het voertuig niet na afloop van de – eventueel verlengde – huurperiode is ingeleverd op de afgesproken wijze, is verhuurder gerechtigd het voertuig onmiddellijk terug te nemen. De uit de huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen van huurder blijven van kracht tot het moment dat het voertuig weer in bezit is van verhuurder.
  5. Indien huurder het voertuig niet tijdig heeft ingeleverd, is verhuurder gerechtigd de huurder 20% van de daghuurprijs in rekening te brengen voor elk uur waarmee de huurperiode wordt overschreden. Na overschrijding met 5 uur kan per dag tot 1,5 keer de daghuurprijs in rekening worden gebracht, onverminderd de verplichting van de huurder tot vergoeding van door verhuurder geleden en te lijden schade. Als het feitelijk blijvend onmogelijk is om het voertuig te retourneren dan wordt geen verhoogde huurprijs in rekening gebracht, maar is huurder gehouden om de waarde van het voertuig te vergoeden: nader beoordelen in het licht van de verzekeringen.

Artikel 6 – Annulering

  1. Indien een overeenkomst wordt geannuleerd, is de huurder de volgende annuleringskosten verschuldigd:
  • Langer dan een maand (30 dagen) voor het begin van de huurperiode: 10% van de huursom.
  • Binnen een maand (30 dagen) voor het begin van de huurperiode: 15% van de huursom.
  • Binnen een week (7 dagen) voor het begin van de huurperiode: 25% van de huursom.
  • Binnen 48 uur voor het begin van de huurperiode: 75% van de huursom.
  • Binnen 24 uur voor het begin van de huurperiode: 100% van de huursom.
2. Annuleringen buiten kantooruren worden geacht te zijn verricht op de eerstvolgende werkdag.
3. Annuleringskosten zijn afkoopbaar of gratis om te zetten in een omboeking tegen een betaling van 5% van de huursom. Deze afkoopregeling dient in de huurovereenkomst vermeldt te worden om geldig te zijn.

Artikel 7 – Betaling

  1. Huurder voldoet een vooruitbetaling van 20% van de huursom, met een minimum van € 250,-. Alleen na ontvangst van deze vooruitbetaling is het voertuig definitief gereserveerd voor huurder.
  2. Bij aanvang van de huurperiode is tevens een betaling van een waarborgsom ter hoogte van €1.500,- vereist.
  3. De waarborgsom wordt geretourneerd onder verrekening van de nog openstaande kosten zodra het voertuig is ingeleverd, tenzij er sprake is van schade. In geval van schade wordt de waarborgsom geretourneerd voor zover deze het bedrag waarvoor de huurder aansprakelijk is overschrijdt.
  4. Tenzij anders is overeengekomen, dient volledige betaling van de huursom voor aanvang van de huurperiode te geschieden. Betaling van andere bedragen dient te geschieden binnen 30 dagen na ontvangst van de betreffende factuur. Bij niet-betaling is huurder van rechtswege in verzuim. Vanaf de datum van verzuim is huurder over het openstaande bedrag de wettelijke rente voor niet-handelsovereenkomsten verschuldigd. Huurder is daarenboven gehouden tot betaling van de kosten die verhuurder maakt ten behoeve van incasso. De kosten van incasso buiten rechte worden op voorhand bepaald op de hierna aangegeven bedragen, tenzij deze in voorkomend geval onredelijk zouden zijn:
  • € 44,- inclusief BTW, indien de hoofdsom plus rente € 500,- of minder bedraagt met een maximum van 15% van de hoofdsom;
  • € 75,- inclusief BTW, indien de hoofdsom plus rente meer bedraagt dan € 500,- maar niet meer dan € 5.000,-;
  • € 768,- inclusief BTW, indien de hoofdsom plus rente meer bedraagt dan € 5.000,- maar niet meer dan € 10.000,-;
  • € 904,- inclusief BTW, indien de hoofdsom plus rente meer bedraagt dan € 10.000,- maar niet meer dan € 20.000,-;
  • € 1.158,- inclusief BTW, indien de hoofdsom plus rente meer bedraagt dan €20.000,-.
5. Huurder kan met verhuurder overeenkomen om voorafgaand aan de verhuurperiode een hoger aantal inbegrepen kilometers af te nemen. Deze inbegrepen kilometers worden op de huurovereenkomst vermeld. Indien de huurder na afloop van de huurperiode de bij de huur inbegrepen kilometers heeft overschreden, zullen deze worden verrekend aan de hand van de op de huurovereenkomst vermelde kilometerprijs.

Artikel 8 – Verplichtingen en voorwaarden huurder


  1. Onverminderd het onderstaande dient huurder met het voertuig om te gaan zoals een goed huurder betaamt en ervoor te zorgen dat het voertuig overeenkomstig zijn bestemming wordt gebruikt. Zo is het huurder verboden het voertuig te gebruiken op een circuit dan wel op een terrein waarvoor het voertuig niet geschikt is of op een terrein waarvan huurder of bestuurder te kennen is gegeven dat betreding daarvan op eigen risico is.
  2. Huurder is gehouden het voertuig in oorspronkelijke staat bij verhuurder terug te bezorgen.
  3. Huurder is gehouden de lading van het voertuig op zorgvuldige wijze te borgen.
  4. Alleen personen die in de huurovereenkomst als bestuurder zijn aangeduid, of anderszins schriftelijk zijn overeengekomen, mogen het voertuig besturen. Het is huurder niet toegestaan het voertuig ter beschikking te stellen aan een persoon die niet als bestuurder is vermeld op het huurcontract. Huurder dient er zorgvuldig op toe te zien dat geen van de in de huurovereenkomst als bestuurder aangeduide personen het voertuig bestuurt indien deze daartoe onbevoegd is of kennelijk geestelijk of lichamelijk ongeschikt is.
  5. De minimumleeftijden van bestuurder(s) ten tijde van de aanvang van de huurperiode dient bij de BMW i8 25 jaar en bij alle andere voertuigen 20 jaar te zijn. Daarnaast dient huurder en/of bestuurder(s) minimaal 3 jaar in bezit te zijn van een geldig Europees rijbewijs. In individuele gevallen kan verhuurder uitzonderingen in leeftijd en de duur van het rijbewijsbezit toelaten, eventueel door middel van verhoging van de waarborgsom.
  6. Het is huurder niet toegestaan het voertuig te verhuren.
  7. Het is huurder tenzij anders overeengekomen niet toegestaan het voertuig te gebruiken voor rijles of voor vervoer van personen tegen betaling anders dan ten behoeve van carpooling, of met het voertuig wedstrijden, snelheids-, rijvaardigheids- of betrouwbaarheidsproeven te houden.
  8. Het is huurder niet toegestaan het voertuig buiten de landsgrenzen van Nederland te brengen, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen met de verhuurder.
  9. In geval van voor huurder kenbare of waarneembare schade of defecten aan het voertuig, is het huurder niet toegestaan het voertuig te gebruiken indien dat kan leiden tot verergering van de schade of van de defecten, of tot vermindering van de verkeersveiligheid.
  10. Huurder is verplicht de verplichtingen en verboden van dit artikel op te leggen aan bestuurder, passagiers en andere gebruikers van het voertuig en toe te zien op de nakoming daarvan.
  11. Huurder dient onder meer zorgvuldig om te gaan met de bij het voertuig behorende sleutels, de bediening van de alarminstallatie en de bij het voertuig behorende documenten, zoals onder andere het kentekenbewijs.
  12. Huurder, passagiers en andere gebruikers en/of inzittenden van het voertuig is het niet toegestaan in het voertuig te roken. De reinigingskosten en het eventueel daarbij behorende huurbederf bij overschrijding van dit verbod kunnen door verhuurder volledig in rekening gebracht worden, ook indien dit het op de huurovereenkomst vermelde eigen risico overschrijdt.
  13. Huurder is verplicht het voertuig met een voor minimaal 30% opgeladen accu terug te geven. Indien de accu 20-30% opgeladen is worden oplaadkosten van € 25,- inclusief BTW in rekening gebracht, indien de accu 0-20% opgeladen is worden oplaadkosten van € 50,- inclusief BTW in rekening gebracht en worden gemaakte onkosten vanwege een te lege accu op de huurder verhaald (bijvoorbeeld: afsleepkosten indien voertuig uitvalt).

Artikel 9 – Instructies voor de huurder

  1. Huurder dient het oliepeil (indien van toepassing) en de bandenspanning op niveau te (laten) houden en dient gevolg te geven aan een oproep van verhuurder om het voertuig voor onderhoud aan te bieden. Een dergelijke oproep van verhuurder zal zo tijdig gedaan worden dat huurder daaraan redelijkerwijs kan voldoen. Bij huurperioden van een maand of korter zal verhuurder huurder niet verplichten het voertuig voor regulier onderhoud aan te bieden.
  2. Huurder is gehouden het voertuig redelijkerwijs schoon te retourneren. Bij niet-nakoming van deze verplichting worden de schoonmaakkosten in rekening gebracht, met een minimum van € 50,- inclusief BTW.
  3. Indien van toepassing: huurder dient de door verhuurder aangegeven voor het voertuig geschikte brandstof te tanken met, indien vereist, de door verhuurder aangegeven toevoegingen.
  4. Huurder dient de door verhuurder aangegeven laadstations te gebruiken voor het opladen van het voertuig. Indien huurder andere dan de door de verhuurder aangegeven laadstations gebruikt voor het opladen van het voertuig, zijn de kosten hiervan voor rekening van de huurder.
  5. In geval van voor huurder kenbare of waarneembare defecten, schade aan of met het voertuig toegebracht of vermissing van het voertuig is huurder verplicht:
  • Hier zo spoedig mogelijk melding van te maken;
  • De instructies van de verhuurder op te volgen;
  • Gevraagd en ongevraagd alle inlichtingen en bescheiden die op de gebeurtenis betrekking hebben aan verhuurder of aan diens verzekeraar te verstrekken;
  • Het voertuig niet achter te laten zonder het behoorlijk tegen het risico van beschadiging of vermissing beschermd te hebben;
  • De verhuurder en door de verhuurder aangewezen personen alle gevraagde medewerking te verlenen ter verkrijging van schadevergoeding van derden of als verweer tegen aanspraken van derden.
6. Bij ongevallen, beschadigingen of vermissing is huurder daarnaast verplicht:
  • Melding te doen bij de politie ter plaatse;
  • Zo spoedig mogelijk een volledig ingevuld en ondertekend schadeaangifteformulier aan verhuurder te overleggen;
  • Zich van erkenning van schuld in enigerlei vorm te onthouden.
7. Huurder is verplicht de verplichtingen en verboden van dit artikel op te leggen aan bestuurder, passagiers en andere gebruikers van het voertuig en toe te zien op de nakoming daarvan.
8. Indien huurder goederen in het voertuig vervoert, dient huurder deze zelf te verzekeren. Verhuurder is nimmer aansprakelijk voor schade aan deze goederen.
9. Huurder dient het rijgedrag aan de omstandigheden aan te passen. Verhuurder is niet verplicht om het voertuig op winterbanden af te leveren, waardoor huurder in winterse omstandigheden dient te bepalen of het verantwoord is om het voertuig te gebruiken of aangepast rijgedrag benodigd is.
10. Huurder dient verhuurder zo spoedig mogelijk te informeren over:
  • Verstoring van de werking van de kilometerteller of de snelheidsbegrenzer (indien van toepassing), zodra huurder er redelijkerwijs vanuit mag gaan dat er sprake is van een storing;
  • Het optreden van een gebeurtenis waardoor schade aan, met of door het voertuig ontstaat of redelijkerwijs kan ontstaan;
  • Defect raken van het voertuig;
  • Vermissing van of anderszins verlies van de macht over het voertuig, onderdelen en toebehoren daarvan;
  • Beslaglegging op het voertuig;
En over andere omstandigheden waarover verhuurder redelijkerwijs geïnformeerd dient te worden.

11. Indien verhuurder inlichtingen aan autoriteiten dient te verstrekken over de identiteit van de persoon die op enig moment het voertuig heeft bestuurd of gebruikt, dient huurder in verband daarmee gestelde vragen van verhuurder zo spoedig mogelijk te beantwoorden.

Artikel 10 – Verplichtingen verhuurder

  1. De verhuurder levert het voertuig met de overeengekomen accessoires en specificaties en voorzien van de in Nederland verplichte uitrusting, schoon, goed onderhouden en in technisch goede staat af.
  2. De verhuurder is niet verplicht om het voertuig op winterbanden af te leveren. 
  3. 1.      De verhuurder levert het voertuig met een minimaal voor 80% opgeladen accu af. Indien het voertuig bij de huurder op locatie wordt afgeleverd zal het voertuig met een voor minimaal 80% opgeladen accu vertrekken vanaf een locatie van EC-Rent en met een minimaal voor 50% opgeladen accu bij de huurder worden afgeleverd, tenzij anders overeengekomen.
  4. Verhuurder stelt samen met huurder voorafgaand aan de verhuur een rapport op waarbij eventuele schade die zich al aan het voertuig bevindt, wordt aangegeven. 
  5. Verhuurder overhandigt huurder voorafgaand aan de huurperiode de vereiste documenten.
  6. Verhuurder dient ervoor te zorgen dat er in het voertuig een Nederlandstalige instructie aanwezig is, alsmede een overzicht van telefoonnummers waar huurder zich binnen en buiten openingstijden kan melden.
  7. Verhuurder vermeldt duidelijk bij welke laadpalen tegen welke voorwaarden opgeladen mag worden.
  8. In de Nederlandstalige instructie wordt vermeld op welk niveau de bandenspanning gehouden dient te worden.
  9. Verhuurder draagt zorg voor adequate pechhulp zowel in Nederland als in het buitenland. Pechhulp in het buitenland geldt alleen als is afgesproken dat het voertuig ook in het buitenland gebruikt mag worden.
  10. Onder adequate hulp wordt in ieder geval verstaan dat er vervangend, zoveel mogelijk gelijkwaardig, vervoer wordt aangeboden door de verhuurder indien het voertuig wegens een tekortkoming voor reparatie moet worden aangeboden en de geschatte reparatieduur langer dan twee werkdagen is. Indien pech het gevolg is van eigen schuld, dan worden de kosten van de hulp niet door verhuurder vergoed.
  11. Verhuurder inspecteert het voertuig direct bij inlevering door huurder op eventuele schade. Dit geld zowel bij inlevering van het voertuig bij de eigen vestiging, als bij inlevering van het voertuig op een andere vestiging, of bij inname van het voertuig op een afgesproken adres door een medewerker of vertegenwoordiger van verhuurder.

Artikel 11 – Aansprakelijkheid van de huurder voor schade

  1. Huurder is in geval van schade van de verhuurder per schadegeval aansprakelijk tot het op het huurcontract vermelde eigen risico. 
  2. Indien de schade evenwel is ontstaan ten gevolge van handelen of nalaten in strijd met artikel 8, is huurder volledig aansprakelijk voor schade van de verhuurder, tenzij hij bewijst dat dit handelen of nalaten hem niet toerekenbaar is.
  3. Indien het voertuig met toestemming van de verhuurder wordt teruggebracht buiten de openingstijden van de verhuurder en/of op een nader overeengekomen plaats niet zijnde de bedrijfslocatie van de verhuurder ter beschikking wordt gesteld voor afhalen door de verhuurder, blijft huurder overeenkomstig het eerste of tweede lid aansprakelijk voor de schade van de verhuurder ontstaan tot het tijdstip waarop verhuurder feitelijk het voertuig heeft geïnspecteerd of heeft laten inspecteren. Verhuurder zal in de hier genoemde situaties het voertuig bij eerste gelegenheid inspecteren en zal huurder direct informeren indien schade is geconstateerd. 
  4. Voor schade van de verhuurder die bestaat uit vermogensschade ten gevolge van met of door het voertuig aan persoon of goed toegebracht nadeel, waarvoor verhuurder, de kentekenhouder of de aansprakelijkheidsverzekeraar van het voertuig jegens derden aansprakelijk is, geldt het bepaalde in het tweede lid van dit artikel slechts indien er volgens de voorwaarden van de WAM-verzekeringsovereenkomst geen dekking bestaat.
  5. In geval van schade aan het voertuig in het buitenland zijn de kosten van repatriëring van het voertuig voor rekening van verhuurder, tenzij het tweede lid van dit artikel van toepassing is.
  6. Huurder is aansprakelijk voor gedragingen en nalaten van de bestuurder, de passagiers en andere gebruikers van het voertuig, ook indien deze niet de instemming van huurder hadden.

Artikel 12 – Gebreken aan het voertuig en aansprakelijkheid van de verhuurder

  1. Verhuurder is verplicht op verlangen van huurder gebreken te verhelpen, tenzij dit onmogelijk is of uitgaven vereist die in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs niet van verhuurder zijn te vergen. Deze verplichting geldt niet indien huurder jegens verhuurder aansprakelijk is voor het ontstaan van het gebrek en/of voor het gevolg van het gebrek.
  2. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade aan vervoerde zaken als gevolg van een gebrek aan het voertuig voor zover de totale waarde van die vervoerde zaken meer bedraagt dan € 15.000,-, tenzij overeenkomstig bepaalde in artikel 9 lid 8 een hoger bedrag is overeengekomen. Voor personenschade is verhuurder niet aansprakelijk als en voor zover de benadeelde zijn schade heeft kunnen verhalen op uitkering krachtens schadeverzekering of verstrekkingen uit andere hoofde.
  3. Het bepaalde in het vorige lid geldt niet voor zover het gaat om gebreken die verhuurder bij het aangaan van de overeenkomst kende of had behoren te kennen of terzake van het ontstaan waarvan de verhuurder opzet of grove schuld is te verwijten.

Artikel 13 – Overheidsmaatregelen en informatie aan autoriteiten

  1. Voor rekening van huurder zijn alle sancties en gevolgen van maatregelen die in verband met het ter beschikking hebben door huurder c.q. gebruiken van het voertuig van overheidswege worden opgelegd (bijvoorbeeld boetes), tenzij deze verband houden met een defect dat bij aanvang van de huur reeds aanwezig was of de sancties verband houden met omstandigheden die in de risicosfeer van verhuurder liggen.
  2. Indien deze sancties en maatregelen aan verhuurder worden opgelegd, is huurder gehouden verhuurder op diens eerste verzoek schadeloos te stellen, waarbij huurder aanvullend de kosten van administratie verschuldigd wordt, met een minimum van € 25,- inclusief BTW. Verhuurder dient die kosten zoveel mogelijk te beperken. Indien verhuurder in verband met enige gedraging of nalaten van huurder, zoals een verkeersovertreding, informatie aan autoriteiten versterkt, is huurder gehouden de daarmee gepaard gaande kosten te vergoeden, met een minimum van € 10,- inclusief BTW.
  3. Desgewenst krijgt de huurder een kopie van het officiële document waarmee de sanctie is opgelegd.

Artikel 14 – Beslag op het voertuig

  1. Ingeval van administratief-, civiel- of strafrechtelijk beslag op het voertuig blijft huurder gehouden tot nakoming van de verplichtingen van de huurovereenkomst, waaronder die tot de betaling van de huursom, tot het moment waarop het voertuig vrij van beslagen weer in het bezit van de verhuurder is, tenzij het beslag verband houdt met omstandigheden die in de risicosfeer van de verhuurder liggen.
  2. Huurder is gehouden verhuurder schadeloos te stellen voor alle uit het beslag voortvloeiende kosten.

Artikel 15 – Ontbinding van de huur

  1. Verhuurder is gerechtigd de huurovereenkomst zonder ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst te beëindigen en zich weer in het bezit van het voertuig te stellen onverminderd zijn recht op vergoeding van kosten, schade en rente indien:
  • Huurder tijdens de huurperiode een of meer van zijn verplichtingen niet, niet tijdig of niet volledig nakomt tenzij de tekortkoming de ontbinding niet rechtvaardigt;
  • Huurder overlijdt, onder curatele wordt gesteld, surseance van betaling aanvraagt, in staat van faillissement wordt verklaard, ten aanzien van hem de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen van toepassing wordt verklaard;
  • Verhuurder van het bestaan van omstandigheden blijkt, die van dien aard zijn dat ware verhuurder hiervan op de hoogte geweest, hij de huurovereenkomst niet was aangegaan.
2. Huurder zal alle medewerking aan verhuurder verlenen om zich weer in het bezit van het overtuig te doen stellen.
3. Indien huurder overlijdt voordat de huurperiode aanvangt, is de huurovereenkomst zonder ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst ontbonden.
4. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van ontbinding op grond van dit artikel.

Artikel 16 – Klachten en geschillenregeling

  1. Klachten over de uitvoering van de overeenkomst moeten volledig en duidelijk omschreven worden ingediend bij verhuurder tijdig nadat huurder de beweerde tekortkomingen heeft ontdekt. Niet tijdig indienen van de klacht kan tot gevolg hebben dat huurder zijn rechten terzake verliest.
  2. Indien de klachtafhandeling door verhuurder niet heeft geleid tot een voor huurder bevredigend resultaat, kan huurder zijn klacht voorleggen aan de geschillencommissie. 
  3. Geschillen tussen huurder niet handelend in de uitoefening van beroep of bedrijf en verhuurder over totstandkoming of de uitvoering van overeenkomsten met betrekking tot door verhuurder te leveren of geleverde diensten en zaken, kunnen zowel door huurder als verhuurder aanhangig worden gemaakt bij de Geschillencommissie Autoverhuur, Bordewijklaan 46, Postbus 90600, 2509 LP te Den Haag – www.degeschillencommissie.nl 
  4. Een geschil wordt door de Geschillencommissie slechts in behandeling genomen, indien huurder zijn klacht eerst tijdig bij verhuurder heeft ingediend. Een geschil ontstaat indien de klacht van huurder niet naar tevredenheid is opgelost.
  5. Huurder moet het geschil uiterlijk drie maanden na het ontstaan daarvan bij de Geschillencommissie aanhangig maken. Van een geschil is dan sprake nadat de klachtafhandeling door verhuurder niet heeft geleid tot een voor huurder bevredigend resultaat.
  6. Wanneer de huurder een geschil aanhangig maakt bij de Geschillencommissie, is verhuurder aan deze keuze gebonden. Indien verhuurder een geschil aanhangig wil maken bij de Geschillencommissie, moet hij huurder vragen zich binnen vijf weken uit te spreken of hij daarmee akkoord gaat. Verhuurder dient daarbij aan te kondigen dat hij zich na het verstrijken van de voornoemde termijn vrij zal achten het geschil bij de rechter aanhangig te maken.
  7. De Geschillencommissie doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen van het voor haar geldende reglement. De beslissingen van de Geschillencommissie geschieden krachtens dat reglement bij wege van bindend advies. Het reglement wordt desgevraagd toegezonden. Voor de behandeling van een geschil is een vergoeding verschuldigd.
  8. Uitsluitend de rechter dan wel de hierboven genoemde Geschillencommissie is bevoegd van geschillen kennis te nemen.

Artikel 17 – Verwerking van persoonsgegevens van de huurder en van de bestuurder

De persoonsgegevens die worden vermeld op het contract worden door verhuurder als verantwoordelijke in de zin van de Wet Bescherming Persoonsgegevens verwerkt in een persoonsregistratie. Aan de hand van deze verwerking kan verhuurder uitvoering geven aan artikel 13 van deze voorwaarden, de overeenkomst uitvoeren, huurder of bestuurder optimale service en actuele productinformatie geven en huurder of bestuurder gepersonaliseerde aanbiedingen doen. De persoonsgegevens kunnen tevens worden doorgegeven aan gerechtsdeurwaarders indien sprake is van tanken zonder betaling. Huurder en bestuurder kunnen om inzake en correctie met betrekking tot de verwerkte persoonsgegevens verzoeken en verzet aantekenen. Betreft het direct mailing, dan zal het verzet te allen tijde worden gehonoreerd.

Artikel 18 – Toepasselijk recht

De huurovereenkomst wordt beheerst door Nederlands recht, tenzij op grond van dwingend recht het recht van een ander land van toepassing is. Geschillen zullen worden voorgelegd aan de bevoegde Rechter in het arrondissement Limburg.

Stuur ons een bericht of terugbelverzoek.